Van Open naar Genade

Onze gemeente heeft een bijzondere naam: Evangelische Open Thuis Gemeente. Toen we bij de start van de gemeente nadachten over de naam, moest ik hier wel even aan wennen. Kerken hebben over het algemeen andere namen, was dit nu een geschikte naam?

Maar de naam werd toch Open Thuis. En da ga je ontdekken hoe speciaal deze naam is. God heeft een specifiek plan met onze gemeente en deze naam past hierbij. Wij mogen een plaats zijn waar mensen welkom zijn en waar ze een ontmoeting kunnen hebben met de levende God. 

In het logo van Open Thuis komt de betekenis mooi naar voren: De ovale vorm om de naam geeft het thuis aan dat de gemeente wil zijn. Een veilige plek waarin geborgenheid is en je jezelf kunt zijn. Een plaats van ontmoeting met God en met elkaar. De vorm is open omdat de gemeente een open plek wil zijn, waar gasten zich welkom voelen. Als gemeente willen we openstaan voor de mensen om ons heen.

De T staat als een kruis midden in de naam. Dit geeft aan dat het kruis van Jezus Christus centraal staat in alle facetten van de gemeente. Vanuit dit kruis straalt het licht van God naar de mensen in de gemeente en naar de mensen er buiten. Het licht dat overwint en alle duisternis verdrijft.

Nu zijn we in een nieuwe fase van het gemeentezijn beland. We willen niet alleen een open thuis zijn, maar een thuis van genade. Dit voegt iets krachtigs toe aan onze gemeente. Niet alleen een open deur, maar een plek waar genade heerst. Waar Gods liefde en acceptatie de boventoon voert en we leren om daarin te bewegen. Om naar elkaar te kijken met de liefde die God voor ons heeft. Om verder te zien dan naar wat voor ogen is en de mens zelf te leren kennen. Om te ontdekken dat je heel verschillend mag zijn en toch bij elkaar kunt horen. Om niet te gaan voor je eigen gelijk en voor wat jij ervan vindt. Maar te ontdekken dat iedere persoon een nieuwe kleur toevoegt aan het gemeente zijn.

Genade niet alleen een woord, maar een opdracht om vanuit te leven. Je hebt elkaar nodig om te groeien als christen. Om geschaafd en geschuurd te worden in de ontmoetingen met anderen en in samenwerken. In dit proces gaat het mooie naar buitenkomen wat al in je ligt. Het is net als bij een diamant. Een ruwe en ongepolijste diamant heeft weinig moois aan de buitenkant, maar na het slijpingsproces komt de prachtige schittering naar voren. En je ziet pas echt hoe mooi de diamant is, als het licht erop schijnt en de kleuren tot leven komen. Zo wil God Zijn licht over ons laten schijnen en mogen wij Zijn heerlijkheid weerspiegelen. 

We zijn al begonnen om dit huis te bouwen en gaan hiermee door de komende jaren!

Wilma Oosterhuis

Pas op voor de ketters van deze tijd

In 2000 jaar kerkgeschiedenis is er veel nét goed gegaan en veel misgegaan. Je kan gerust concluderen dat het een wonder is dat de kerk nog bestaat! 
Een paar voorbeelden:

De christelijke kerk begon als een soort sekte van het Jodendom. Volgens de Joodse leiders waren er voldoende redenen om deze volgers van ‘de weg’ uit te roeien. Saulus begon zijn carrière als Joden-vervolger. De keizers van het Romeinse Rijk, waaronder Keizer Nero, staan bekend om het martelen van de christenen. Was hun actie succesvol geweest, dan waren er nu geen christenen meer.

Of denk aan de dwaalleren die gepredikt werden. Het is maar goed dat de kerkvaders in de eerste eeuwen de samenstelling van de bijbel en de geloofsbelijdenis hebben vastgesteld, anders hadden we als christenen waarschijnlijk drie verschillende Goden gediend in plaats van een.

In sommige gevallen hebben we juist ons geloof te danken aan ketters die ‘dwaalleren’ verkondigden. Neem Luther. Op 23 augustus 1518 vaardigde paus Leo X een geschrift uit om Luther als notoire ketter te dagvaarden. Zijn 95 stellingen werden door het toenmalige christendom gezien als valse leer en ketterij. Toch kwam dankzij ‘deze ketter’ een nieuwe opleving (de reformatie) in de christelijke kerk. En dankzij ‘de ketters’ in de protestantse kerken kunnen wij nu lid van een evangelische gemeente zijn. Een stroming die destijds gezien werd als een bedreiging van het christelijk geloof.

Ondanks dit alles, bleef de kerk overeind. Het feit dat de kerk er nog steeds is, is dan ook te danken aan God zelf. Hij bouwt zijn kerk. Hij heeft met kromme stokken, rechte slagen gemaakt. Onze kerk is met recht een Godswonder. En als we vooruit kijken mag je aannemen dat de kerk corona ook wel zal overleven.

Deze tijd vraagt om een andere manieren van kerk-zijn en misschien wel andere manieren van geloven. De vraag is echter: herkennen we Gods stem door alle ideeën die nu geroepen worden? De kans bestaat dat nieuwe vormen van kerk-zijn verkondigd gaan worden door hedendaagse ketters. Mensen die ideeën verkondigen die ons niet aanspreken en helemaal indruisen tegen ons ‘normaal’.

Luister dus eerst goed naar de ketters van 2020 voordat je ze op de brandstapel zet. Misschien zijn dat juist de mensen waar God zijn kerk mee wil bouwen.

Uit Gemeenteblad Cifrah - oktober & november 2020

Vakantie plannen?

Mijn plannen zijn niet jullie plannen, en jullie wegen zijn niet mijn wegen – spreekt de HEER. Want zo hoog als de hemel is boven de aarde, zo ver gaan mijn wegen jullie wegen te boven, en mijn plannen jullie plannen. (Jesaja 55: 8 en 9)

Wat een bizar eerste half jaar hebben we samen meegemaakt! Corona-time. Ziekte en dood en veel angst. Verplicht thuiszitten, wat eerst misschien nog wel een beetje als vakantie voelde, ging over in een nieuwe werkelijkheid van thuiswerken, banen kwijtraken, meer of minder en ieder geval anders werken en niet te vergeten: social 
distancing; met anderhalve meter afstand.

Langzaam maar zeker mogen we nu weer wat meer, wel met beperkingen. De eerste keer dat ik mijn vader en moeder weer een knuffel mocht geven, had ik het kippenvel op de armen staan. Wat hadden we dat contact gemist. En terwijl de effecten van Covid-19 maatschappelijk en economisch blijken, is het nu dan – gewoon omdat het de tijd van het jaar is – vakantie. Dat kan ook dubbel voelen: misschien is ook jouw leven er helemaal anders uit gaan zien de afgelopen maanden en lijkt vakantie het minst voor de hand liggend en moet je alle zeilen bijzetten om aan je verplichtingen te voldoen. Of misschien hoor jij juist bij de mensen die denken dat het allemaal zo’n vaart niet zal lopen, en de maatregelen overdreven zijn.

Eén ding is wel duidelijk: we zijn keihard geconfronteerd met het feit dat wij de wereld, de werkelijkheid, gezondheid, elkaar en onszelf niet onder controle hebben. En wat de toekomst brengt, weten we eigenlijk ook niet … Juist dan is zo’n tekst als hierboven staat een opsteker. (Voel je vrij het hele hoofdstukje te lezen; erg bemoedigend.)

God is namelijk betrokken. Hij houdt van ons. Hij is het, die het grotere plaatje ziet, wat wij niet (kunnen) zien. Hij loopt naast ons mee, en draagt ons in Zijn machtige rechterhand, ook als wij vol vragen zitten en weinig begrijpen van wat er allemaal om ons heen gebeurt. Hij roept ons op Hem te vertrouwen, en los te durven laten: overgegeven te leven. Wat Hij doet, is goed!

Een mooie oefening in deze vakantie tijd: weg denken van de onmogelijkheden en God zoeken, want Hij laat zich vinden. Tijd nemen om die beloften die Hij geeft in Zijn woord je toe te eigenen. De stap te zetten te durven geloven in Zijn gedachten en in Zijn wegen. Wanneer we dat doen, wordt ook vers 12 realiteit, en dat wens ik ons allemaal toe in onze vakantie en in ons leven: ‘In vreugde zult gij uittrekken, en in vrede geleid worden’. Dat wordt een memorabele vakantie. Geniet!

Uit Gemeenteblad Cifrah - augustus & september 2020

Mag het je wat kosten?

Terugkijkend op deze afgelopen weken zie ik dat ik meer uitgegeven heb aan boodschappen dan anders. Logisch, als iedereen van ons gezin nu elke maaltijd mee eet en af en toe, als afleiding voor school, nog wat extra snaai voedsel zoekt. Alleen heeft mijn boodschappenpas me daardoor al wel een paar keer in de steek gelaten bij het afrekenen. Dat betekende voor mij eerst weer naar huis om geld over te maken, dan weer naar de winkel om de boodschappen af te rekenen. Een rood hoofd bij de kassa, irritaties, tijd kwijt en nog zowat.

In eerste instantie bemerkte ik dat ik geïrriteerd raakte en boos was dat er niet meer geld op die rekening stond. Daarna gaf ik de schuld aan de boodschappen die zo duur waren en tot slot aan mijn man en kinderen omdat ze te veel aten. Pas op het aller, allerlaatst bedacht ik me dat ik misschien zelf de oorzaak van het hele probleem was. Toen was ik boos op mezelf, geïrriteerd omdat het aan mij zou kunnen liggen. Eigenlijk was ik van plan om dit laatste punt gewoon te skippen en te doen alsof mijn neus bloedde.

Helaas. Toen kwam de gedachte ‘Mag het je wat kosten?’ langszij. Het zat me niet lekker dat ik de schuld nergens anders neer kon leggen dan bij mezelf. Bij mij van binnen strijdt dan het gevoel van ‘recht hebben op’ met het gevoel van eerlijkheid. Ze vechten elkaar de tent uit als ik daar niet een stokje voor steek. Dat ‘stokje’ heb ik nodig. In dit geval was het ‘stokje’ een verhaal over hoe Jezus karaktervorming (vernieuwing van denken) belangrijker vindt dan de gaven en bedieningen die we uitoefenen. Die gaven en bedieningen kunnen weer weggaan of afnemen, de karaktervolle mens, die de gaven of bediening uitvoert, blijft. Stel dat je jarenlang genezingsdiensten mocht leiden, maar niet een prettig mens bent in de omgang, wat onthouden dan de mensen om je heen?

Met andere woorden, wat doe ik met de dingen die ik irritant vind? Zoek ik mijn gelijk? Of mag het mij wat kosten? Mag het mij mijn irritatie kosten als ik eerlijk kijk naar mijn gedachten over de situatie met de boodschappen? Durf ik een laagje dieper te kijken en te voelen? Het lijkt dan net alsof je een doosje, in een doosje, in een doosje vindt. Ik vind het lastig om ten eerste al die binnenste doosjes te vinden en daarna ze te openen en er eerlijk naar te kijken. Het helpt mij dat God me herinnert aan de tekst: ‘Ken Hem in al uw wegen en Hij zal uw paden rechtmaken’. Dus ja, ook in de irritatie over de boodschappen en de kosten wil ik Hem kennen. Dat Hij dan vervolgens mijn paden wil rechtmaken door me te wijzen op mijn eigen aandeel in dit geheel, komt me wat minder goed uit. Ik mag gelukkig altijd kiezen of ik mijn paden wil laten rechtmaken door Hem. Ik kan mijn kosten berekenen en vooraf bepalen of het me dat waard is. Voor mij zijn de kosten hiervan de moeite waard, ze leveren me namelijk meer op dan dat het me gekost heeft.

Uit Gemeenteblad Cifrah - juni & juli 2020

Samenkomsten verboden

Wie had dat kunnen bedenken. Sinds een aantal weken mogen we niet meer naar de kerk, niet tegelijk tenminste. Een ongekende situatie doet zich voor. Gelukkig verbiedt onze overheid geen kerkdiensten om ons dwars te zitten, maar om ons gezond te houden.

In Titus 3:1 schrijft Paulus aan zijn leerling Titus het volgende: ‘Herinner allen eraan dat ze overheid en gezag moeten erkennen en gehoorzaam moeten zijn, bereid om altijd het goede te doen.’
Het is jammer dat de overheid met boetes moet dreigen om mensen tot gehoorzaamheid te bewegen. Dit weekend kwam er zelfs een sms’je van NL-Alert met de smeekbede om alsjeblieft afstand te houden. Raar eigenlijk dat het zo moeilijk is om de overheid te gehoorzamen, zelfs als het voor je eigen bestwil is

In deze crisis word ook schrijnend duidelijk dat er mensen buiten de boot dreigen te vallen. Iedereen moet zoveel mogelijk binnen blijven, maar wat nu als je geen ‘binnen’ hebt? In de grote steden leidt dit al tot behoorlijke problemen. Er wordt ook gevraagd een beetje op elkaar te letten, maar er is een toenemende groep mensen in onze samenleving die geen ‘elkaar’ heeft. Wie doet dan je boodschappen als je ziek wordt? Mijn Rode Kruis collega’s in het westen zijn er maar druk mee.

Wat ben je dan rijk als je deel uitmaakt van een gemeente. Laten we ook letten op mensen buiten deze kring. Als je in je eigen omgeving mensen in nood ziet komen, hoop ik dat je bereid bent het goede te doen, zoals Paulus ook van Titus vraagt.

Laten we samen een lichtend voorbeeld zijn in de samenleving door de overheid te gehoorzamen en oog te hebben voor onze omgeving. Zo kunnen we een lichtend licht en een zoutend zout zijn.
Laten we daarnaast vooral niet ophouden te bidden om Gods bescherming en kracht in deze bizarre situatie. En vergeet vooral niet: Hij de grote Koning houdt de wereld in zijn hand.

Uit Gemeenteblad Cifrah - april & mei 2020

Verbonden blijven

Blijf in Mij, en Ik in u. Zoals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, als zij niet in de wijnstok blijft, zo ook u niet, als u niet in Mij blijft. (Johannes 15:4)

Een paar woorden zo aan het begin van deze Cifrah. ’Blijf in Mij en Ik in u’, zegt Jezus, nadat Hij heeft gezegd dat Hij de ware wijnstok en Zijn Vader de Wijngaardenier is. Het zijn eenvoudige woorden met een diepe betekenis. In deze verbondenheid ligt een oplossing voor praktisch alles in ons leven. Laat me dat kort uitleggen en voor jullie de uitnodiging om hier een stevig moment over na te denken, op te reflecteren.

Denk eens na over persoonlijk geloof. Hoe ben jij tot persoonlijk geloof gekomen? Wat heb je toen ervaren? Op een of andere manier zul je gemerkt hebben dat Jezus door de Heilige Geest woning heeft gemaakt in je hart. Je bent met Jezus verbonden geraakt. Dat is intens! Met je doop heb je die verbondenheid zichtbaar gemaakt voor jezelf, je omgeving én de geestelijke wereld. Een belangrijke stap! Vanaf dat moment heb je kleur bekend in de zichtbare wereld. Je bent van Jezus.

Mijn vraag is hoe je leven in verbondenheid met Jezus vervolgens is gegaan. Wat heb je met hem meegemaakt? Waarschijnlijk zijn er periodes geweest dat je afstand hebt ervaren in je relatie met Jezus en soms ook intense nabijheid. Vanuit het gezichtspunt van Jezus is er altijd nabijheid en verbondenheid. Hij heeft zijn keuzes gemaakt en Hij heeft alles gedaan wat kon voor een leven in verbondenheid met jou. Vanuit die verbondenheid zegt Jezus dat je veel vrucht zult dragen. Het enige wat Hij vraagt, is om als rank aan de wijnstok te hangen. Dichterbij kan de rank immers niet komen! 

Ik denk dat wij, als ranken, de verbondenheid soms ervaren alsof wij via een elastiekje aan de wijnstok zijn verbonden. Soms veraf, soms dichtbij. Soms ontspannen, soms onder grote spanning. Vanuit de woorden van Jezus uit Johannes 15 zie ik daar geen aanleiding voor om op die manier te leven. We doen onszelf te kort. De uitdaging is dat we ontspannen hangen aan de wijnstok. Ervaar je dat als moeilijk? Vanuit die ontspanning zullen stromen van levend water uit ons binnenste vloeien. Zo wordt je smaakvol voor je omgeving. Zo krijgt de kerk in de samenleving een prachtige bestemming. Niet omdat het moet, maar omdat het kan!

Uit Gemeenteblad Cifrah - februari & maart 2020

Kleurverschillen

De natuur laat ons volop genieten van prachtige herfstkleuren. Groene bladeren die veranderen in rode, gele en bruine kleuren. Wat heeft God dat prachtig gemaakt en wat een creativiteit zien we in de schepping. Niet alleen in de kleuren en alle schakeringen, maar ook in vormen en bloeiwijzen van bomen en planten.

Dit doet me denken aan ons thema KleurRijk. Wat is het speciaal dat we allemaal uniek zijn. Niet alleen van buiten, maar ook van binnen. Ons denken en karakter, onze passie en talenten.

Samen vormen we een veelkleurig geheel, waarin plek is voor iedereen. Is dat laatste echt zo of hebben we daar moeite mee? Ik ben blij hoe we met het thema KleurRijk bezig zijn in onze gemeente en nadenken over het omgaan met verschillen. De preken en dialoogavonden zetten je aan het denken. Het heeft mij laten zien dat ik vastomlijnde gedachten heb over de bijbel, over geloven en over anderen. Ideeën gevormd door mijn opvoeding en de bijbelverhalen die ik van jongs af gehoord heb.

Hoe denkt God over die vastomlijnde ideeën? Is alles voor Hem ook zwart of wit of zitten er allerlei kleuren in? We zien in het leven van Jezus dat Hij ingaat tegen de heersende normen en uitreikt naar mensen die er niet bij horen. Naar een tollenaar die geprofiteerd heeft van zijn positie. Naar de vrouw die vijf mannen heeft gehad en samenwoont met een man waarmee ze niet getrouwd is. Naar heidenen, zoals de hoofdman van het Romeinse leger. Jezus zit niet vast aan regels, Hij ziet de mens en is met ontferming bewogen. Hij opent nieuwe wegen en komt met een ongekende wijsheid. Daarin mogen we van Hem leren.

Daarom vond ik de avond met de stichting Verscheurd zo kostbaar. Hun doel is om ruimte te creëren voor een open gesprek over homoseksualiteit en geloven. Om een gesprek aan te gaan, wat respectvol is naar elke overtuiging, liefdevol naar hen die het betreft, die samenbrengt en niet polariseert, zonder vooroordelen en clichés. Zelf heb ik het boek Verscheurd gelezen en dit heeft mijn denken veranderd.
Wat zo bijzonder was dat deze avond niet ging om een overtuiging over te brengen, maar om te leren naar elkaar te luisteren en respect te hebben. Om te ontdekken dat je naast elkaar kunt staan als je niet dezelfde mening hebt.

Ruimte bieden aan de ander kom ik ook tegen op de ETS Bijbelschool, die ik sinds kort volg. Verrijkend om meer over de bijbel te leren en nieuwe gezichtspunten te ontdekken. Boeiend om bijeen te zijn met christenen uit verschillende kerken, maar soms ook moeilijk. Ik hoor gedachten die me aan het denken zetten en zienswijzen waarin ik me niet kan vinden.

Veelkleurigheid en met christenen in onze eigen gemeente maar ook met die daarbuiten. God heeft voor ons allemaal een plek en wij mogen leren elkaar de ruimte te geven.

Dit is ook het verlangen van Paulus en hij schrijft het volgende in Efeziërs 3: 14-19 (Basisbijbel):
Daarom kniel ik neer voor de Vader van Jezus Christus. Hij is als Vader het voorbeeld voor iedereen in de hemel en op de aarde. Dan bid ik dat Hij vanuit de rijkdom van zijn hemelse macht en majesteit jullie geest met zijn kracht zal vullen, door de Heilige Geest. Want dan zal Christus in jullie hart wonen door jullie geloof. Dan zullen jullie stevig geworteld zijn in zijn liefde, net zoals een boom met zijn wortels stevig in de grond staat. En dan zullen jullie samen met alle andere gelovigen gaan zien hoe breed en hoe lang, hoe hoog en hoe diep de liefde van Christus is. En dan zullen jullie gaan zien dat die liefde te groot is om te begrijpen. En dan zullen jullie vol worden van God Zelf.

Wij mogen geworteld zijn in Gods liefde en hebben elkaar nodig om te ontdekken hoe onvoorstelbaar groot die liefde is.

Uit Gemeenteblad Cifrah - december 2019 & januari 2020

De 30 centimeter-kerk

Een van de geschiedenislessen van de basisschool die ik me nog kan herinneren ging over scheurbuik. Scheurbuik is een dodelijke ziekte waar vooral zeelieden aan overleden. Dat kwam door een gebrek aan vitamine C. Doordat ze vroeger maanden op zee waren en onvoldoende gezond voedsel mee hadden, stierven velen aan deze ziekte. Ik kan me nog herinneren dat onze meester zei: ook op schepen die vruchten vervoerden, gingen mensen dood aan scheurbuik. ‘Hoe-kan-dat-nou?!’ dacht ik, ‘heb je vitamine C zo dichtbij en word je toch nog ziek!’

Vergelijk nu onze kerk eens met zo’n zeeschip dat vruchten vol met vitamine C (Gods liefde) vervoert. We zingen iedere zondag over de liefde van God en we raken er niet over uit gepreekt. Zouden er dan bij ons ook mensen last van scheurbuik kunnen krijgen? Een tekort aan liefde? Ik denk het wel. Eerlijk gezegd: ik ben daar een van. ‘Hoe-kan-dat-nou?!’ denk ik dan, ‘er is toch meer dan genoeg liefde in de kerk!’

Het komt denk ik door die beruchte 30 centimeter. De afstand tussen m’n hoofd en m’n hart. Ik weet het allemaal heel goed, misschien wel te goed. Te veel bezig met werk, kerk en andere belangrijke zaken, waardoor er onvoldoende tijd is om Gods liefde in m’n hart te laten landen. Vervolgens eis ik die liefde dan weer van anderen op, in plaats van het bij God te halen. Misschien herken je dat.

Ik droom van een Open Thuis waar we elkaar aanmoedigen om voor die laatste 30 centimeter te gaan. Een plek waar we Gods liefde kennen én beleven. Een plek waar Gods liefde herstel brengt. Een kerk waar we Zijn liefde met elkaar delen ook (of: juist) als bij een ander die 30 centimeter even verstopt zit. 

Uit Gemeenteblad Cifrah - oktober & november 2019

Schapen weiden

Ikzelf zal mijn schapen weiden en ze laten rusten –
spreekt God de Heer.
(Ezechiël 34:15)

Ezechiël 34 spreekt de leiders aan: de herders. Ze hebben hun volk niet goed geleid, maar zijn voor hun eigen genieten, rust, voordeel en wat nog meer gegaan. Dit ging allemaal ten koste van de schapen, die gewoon ‘geherderd’ moesten worden. 

Terwijl we dit stukje lezen, schiet me het verhaal van Jezus te binnen, die huilt om Jeruzalem, de mensen dwalen als schapen … een verwijzing naar dit oudere tekstgedeelte in Ezechiël? 

De Heer neemt het over. Hij zet de leiders aan de kant en gaat zelf zijn schapen leiden. En het eerste dat hij doet is niet – schapen scheren, selecteren wie ok of niet ok is, fokken, lange afstanden naar grazige weiden afleggen … nee, Hij weet dat de schapen, lees: de mensen, toe zijn aan rust. 

En dat is precies waar Hij mee gaat beginnen. Ik ga jullie weiden, en laat jullie rusten. Heerlijk. Wat een belofte, niet alleen voor het volk Israël, maar ook voor ons als christenen. Leiders zijn dienaren, en dienaren zijn we allemaal; dus laten we even bij onszelf te rade gaan: hoe dragen we zorg voor het hongerige, dwalende, zoekende schaap? In hoeverre zijn we betrokken bij de ons toevertrouwde mensen? En hoe manifesteren we ons? Ik hoop zo dat we de rust, zoals hier beschreven brengen: dat er oog voor jezelf en de ander is, dat we elkaar vast houden, met elkaar begaan zijn. 

De vakantietijd is bij uitstek een tijd om dichter bij God en bij jezelf en je directe omgeving te komen. Wanneer we ons ‘laten weiden’ door de Heer, is daar rust en ruimte. Voor jezelf en voor de ander die dit nodig heeft. 

Een hele fijne zomervakantie.

Uit Gemeenteblad Cifrah - augustus & september 2019

Ken je het witte konijn

Met z’n drietjes zaten ze op de veranda, de oude wijze christen met zijn hond en een jonge man, ook een christen. Op een gegeven moment stelt de jonge man een vraag aan zijn oude wijze broeder. “Broeder”, zei hij, “Waarom gaan sommige christenen de eerste jaren na hun bekering zo vol vuur en enthousiasme achter God aan, terwijl ze daarna vaak vervallen in lauwheid en in wekelijks ritueel naar de kerk gaan. Ik zie dan namelijk helemaal geen verschil meer tussen hen en mensen die geen christen zijn? En wat ik gehoord heb, is dat u niet bent zoals zij, dat u al uw hele leven God met veel passie zoekt in alles. Mensen zien iets in u, dat zij niet zien in andere mensen die christen geworden zijn. Wat maakt u nou zo anders broeder?”

De oude man glimlachte en zei: “Laat me je een verhaal vertellen. Op een dag zat ik hier op deze zelfde plek, lekker rustig in de zon met mijn hond, toen er plotseling een groot wit konijn langs rende. Mijn hond reageerde natuurlijk meteen en ging achter het konijn aan. Met passie volgde hij het konijn, door de velden en over de heuvels. En al snel sloten ook andere honden uit de buurt zich bij hem aan, aangetrokken door zijn geblaf. Samen gingen ze al blaffend achter het konijn aan, dwars door beekjes heen, door de doornstruiken, ze lieten zich door niets weerhouden om achter het konijn aan te gaan. Echter na verloop van tijd haakte de ene na de andere hond af. Ontmoedigd en gefrustreerd over de pittige jacht staakte ze hun achtervolging. Alleen mijn hond hield vol en bleef het konijn achtervolgen.”

“In dat verhaal broeder”, zei de oude man, “ligt het antwoord op jouw vraag.” Enigszins verward zat de jonge man een tijdje in stilte na te denken, tot hij uiteindelijk zei, “maar broeder, ik snap het niet. Wat is het verband tussen de jacht op dat konijn en het hebben van passie voor God?”

“Je begrijpt het niet”, zei de oude man, “omdat je de verkeerde vraag stelt. De vraag die je had moeten stellen is: Waarom haakten die andere honden af? En het antwoord op die vraag is, die andere honden hebben nooit het witte konijn gezien. Tenzij je de prooi ziet, is de jacht gewoonweg te ingewikkeld. ’t Zal je aan de passie en vastberadenheid ontbreken die noodzakelijk is om vol te houden.”

Lieve mensen, heb je passie voor God? Heb je Hem in je leven ontmoet … persoonlijk ervaren …? Zomaar twee vragen voor de komende zomer. Een belofte: wie God zoekt zal door Hem worden beloond (Hebr. 11:6).

Uit Gemeenteblad Cifrah - juni & juli 2019